Drie National Parks in Noord-Engeland

Drie National Parks in Noord-Engeland

Niet ver van de Schotse grens liggen drie natuurparels: de Yorkshire Dales, het Lake District en de North York Moors. Deze nationale parken aaneenrijgen tot een kostbaar halssnoer is een boeiende fietservaring, zeker als je ze afwisselt met cultuurparels als York, Carlisle, Newcastle en de Muur van Hadrianus.

  • Een dorpskoster en een kathedraalkoor

    Na een nachtelijke overtocht van 14u meert de ferry vanuit Zeebrugge om 9u aan in Hull. Ik heb deze havenstad blijkbaar zwaar onderschat want het duurt úren vóór we deze havengrootstad uit geraken, op zoek naar de eerste wegwijzers van Sustransroute nr.66: The White Rose cycle route. Na de middag komt het eerste cultuurmonument in zicht: de kathedraal van Beverley, een machtig kerkgebouw, te monumentaal voor het kleine stadje. Fietsmaat Julien en ik worden er vriendelijk verwelkomd, een Nederlandstalige folder incluis, die ons wegwijs maakt in de drie gotische bouwstijlen waarin de kathedraal tussen 1220 en 1420 werd opgetrokken. Early gothic (13de eeuw), decorated gothic (14de eeuw) en de perpendicular bouwstijl (begin 15de eeuw) zijn typisch voor vele kathedralen in Engeland.

    In groot contrast hiermee staat het dorpskerkje waar we ’s avonds halt houden. We zochten al een tijdje tevergeefs naar een camping tot ik op het idee kom om op het verweerde churchyard onze tenten op te slaan. Daar zullen de grafstenen uit de 18de eeuw zeker niet van wakker liggen, denken we. Uit het zicht van huizen en de verkeersweg slapen we de eeuwige rust van de overledenen. Tot we ’s morgens ontdekt worden door de koster. We bereiden ons voor op een uitbrander maar de man begroet ons vriendelijk, alsof wij met onze slaapplek zijn kerk alle eer aandoen. Hij leidt ons zelfs rond in zijn bescheiden bedehuis gebouwd in early gothic.

    Door de vlakke en vruchtbare countryside fietsen we ’s middags het historische York binnen. Onze culturele verwachtingen zijn hooggespannen. In 1,5 dag gaan we proberen zoveel mogelijk historisch erfgoed mee te maken. Eerst een tour d’horizon op de oude stadsomwalling en dan afdalen naar York Minster, de kathedraal die met zijn 3 hoge torens de ganse stad overklast. Het is een bijna hemelse ervaring om rond te wandelen in het brede schip en de vele zijbeuken. Alle muren, pilaren, spitsbogen en ornamenten wijzen en rijzen in één sierlijke beweging ten hemel. In de vooravond schuiven we aan voor de evensong, het zingend avondgebed met het kathedraalkoor. Een ingetogen sessie waarbij het publiek geen vin mag verroeren. Toch probeer ik dit intens spiritueel moment zo geruisloos mogelijk vast te leggen met m’n camera. Tot ik langs achter op mijn schouder getikt wordt en boos aangekeken door een vrouw. Rules are rules, tot in de Anglicaanse kerk. Bye, bye klankopname.

    The Yorkshire Dales

    Nog nagenietend van York Minster, Cliffords Tower, York Castle Museum, Jorvik viking centre en Treasurers House ruilen we voor enkele dagen cultuur voor een brok natuur langs The Way of the Roses. De bordjes met de witte en rode roos leiden ons eerst door de vallei van de Ouse naar Ripon, gelegen aan de voet van het Yorkshire Dales National Park. Vlakbij ligt Harrogate, de thuisbasis van spurtbom Mark Cavendish. En dat is overal merkbaar. In het vooruitzicht van de Tour de France, enkele weken na onze passage, zijn de huizen, straten en pleinen rijkelijk versierd met geelgeschilderde fietsen en dito verwelkomingsborden. En natuurlijk passeren we tientallen wielertoeristen die zich allemaal als Tourwinnaars gedragen.

    De Dales maken deel uit van het Penninisch Gebergte dat als een ruggengraat Engeland bijeenhoudt. We komen nooit boven de 400m hoogte uit maar de hellingen zijn er niet minder om. Platgeërodeerde heuvels golven in onregelmatige plooien naar de horizon toe. Af en toe licht een farm op in een groene zee waar trosjes bomen en verweerde muurtjes boven uitsteken. Onze tweede dag in de Dales wordt een tegenvaller. De tent is pas opgeborgen of het begint te regenen en die miezerige regen hult de heuvels in een dofgrijs waas. Pas in de late namiddag klaart het wat op maar dan zijn de vergezichten ver te zoeken. Langs de laatste uitlopers dalen we af naar River Lune die ons naar Lancaster leidt. Voor ons geen interessante stad, dus nemen we een kortere weg naar de westkust. Onze boerderijcamping ligt aan een modderige baai van de Ierse Zee, ongemoeid gelaten door toeristen. Op onze campingplek worden we wél gehinderd door een ander soort levende wezens. Hoevekippen zoeken vrank en vrij naar iets eetbaars, tot in de tent toe, ondertussen alles volschijtend. Deze boer zal het geweten hebben: dat worden spiegeleieren bij het ontbijt als genoegdoening!

    The Lake District

    Aan de overkant van de baai zien we de ochtend van dag 8 de contouren van de Cumbrian Mountains in het Lake District National Park. Een brede, diepe zee-inham verplicht ons tot een grote omweg naar dit natuurpark. Eerst volgen we het Lancaster Canal om dan vanaf Kendal zuidwaarts af te buigen naar Grange-over-Sands waar we in een openbaar parkje naast de baai onze tent opzetten. Vanaf morgen wordt het menens want we trekken de bergen in. De volgende 2 dagen zal lastig klimwerk ons deel zijn. Cartmel ligt aan de voet van het gebergte waarvan de hoogste rondingen net onder de 1000m blijven. Als lichtstralen van een ster waaieren heuvelkammen uit naar de buitenranden van de rondborstige Cumbrian Mountains. Tussen de ribbels ontstonden na de ijstijden een tiental langgerekte meren. Met de spiegeling van de bergen in hun water maken zij de unieke charme uit van het Lake District. En daar komt veel volk naar kijken, zeker bij dit zonnig weertje. Om de grote toeristische drukte te vermijden, laten we bekende Windermere links liggen en kiezen voor de oeverweg langs Coniston Water. Daarna is het klimmen geblazen over steile heuvels richting Grasmere, gelegen aan zijn idyllisch meer. Het doet romantische gevoelens in ons hart opwellen. De drukte in het dorp zelf valt mee want er is nog plaats voor ons op een terrasje.

    Zonder de vertrouwde Sustranswegwijzers moeten we vanuit Grasmere noodgedwongen over een razendsnelle A-weg naar het noorden. Gelukkig kunnen we na (een klim van) 7 km uitwijken naar een rustige oeverweg naast Thirl Water, geflankeerd door de groene kletskop van Styborrow Dodd (840m). Verderop vervoegen we de
    Sea-to-Sea-route die tussen de twee kusten loopt waar Engeland op z’n smalst is (200 km). De lastigste beklimmingen liggen nu achter ons maar tegelijk ook de adembenemendste panorama’s. We kijken uit op de laatste kale heuvelkoppen en dalen af naar Carlisle.

    Hadrians Wall

    In Carlisle (75.000 inw) bezoeken we de kathedraal en het goedbewaarde fort uit de 11de eeuw. Interessant; maar eerlijk gezegd kijken we al een tijdje uit naar de Muur van Hadrianus die hier passeert. Tijdens de Romeinse overheersing liet keizer Hadrianus rond 120 na Christus een dikke (3m) en hoge (5m) verdedigingsmuur bouwen om aanvallen van de Schotten af te weren. Langs het 117 km lange traject tussen de west- en oostkust kwamen er wachttorens, forten en garnizoensplaatsen. Het geheel is erkend als Werelderfgoed. Pas na 20 km krijgen we in Banks de eerste resten van de muur te zien. Eeuwenlang geplunderd en verweerd blijft er van het oorspronkelijk bouwwerk maar weinig over. Anders dan wandelaars kunnen we het tracé maar enkele kilometers volgen. Interessanter op onze weg zijn twee belangrijke Roman Forts ten zuiden van de muur: Birdoswald en Vindolanda. In het laatste kun je wel een halve dag vertoeven. En het Roman Army Museum in Greenhead geeft met filmbeelden en realistische opstellingen een goed sfeerbeeld van het soldatenleven in zo’n fort.

    Vanaf Hexham is Hadrians Wall verleden tijd en zoeken we het gezelschap van de River Tyne. Langs de rivier fietsen we traffic free Newcastle (270.000 inw) binnen. Het is zondag én zonnig. Tussen de marktkraampjes naast de Tyne is iedereen in opperbeste stemming en kopen we ons een verse lunch. Aan weerszijden van de Tyne wedijveren de modernste kantoorgebouwen met elkaar om het sierlijkste design. Ze hebben sinds de jaren 70 van vorige eeuw de plaats ingenomen van de verroeste fabrieken en rommelige werkhuizen uit de industriële revolutie, die de stad groot maakte. Hét pronkstuk van deze architectonische ommekeer is The Sage, een futuristisch concertgebouw in glas en staal. De Newcastlers noemen het ironisch The Slug omdat het sterk op een naaktslak lijkt. De tweede blikvanger is de Millenium Bridge. Deze voetgangers- en fietsbrug over de Tyne kan op een ingenieuze manier gekanteld worden wanneer een schip passeert.

    The North York Moors

    Nu de kolen-en-staalnijverheid rond Newcastle verdwenen is, zijn vele (industriële) spoorlijnen omgevormd tot fietspad. Daar maken we dankbaar gebruik van om koers te zetten naar de North York Moors. Ten zuiden van Middlesbrough klimmen we het natuurpark in. Moor betekent heide maar het is te vroeg op het jaar om van de paarse heidetapijten te genieten. Toch worden we verwend met machtige en prachtige natuurplaatjes en vergezichten. We volgen route nr. 52 die zich als in zaagtand op-en-af door de Eskvallei kronkelt tot havenstad Whitby. Terwijl de Eskdale spoorlijn de rivierlaagten opzoekt, zwoegen en zweten wij, klim achter klim. Na 65 km bereiken we met slappe benen een dorpje met een pub en een station. Geen camping in de buurt. We dalen af naar de spoorlijn in de hoop daar een kampeerplek te vinden. We hebben geluk. Aan de treinstopplaats vinden we een plekje voor onze tent naast de rails én een bank als eettafel op het perron. We wachten wijselijk tot de laatste trein gepasseerd is om de tent op te zetten. ’s Morgens zorgen we ervoor dat alles opgeborgen is vóór de eerste trein halt houdt. De treinbegeleider kijkt ons verwonderd aan dat we niet instappen. Na Whitby volgen we een oud spoorwegpad dat pal langs de oostkust loopt. Via Scarborough en Bridlington sluiten we onze fietscirkel in Hull.

    Erfgoedbeschermers In Engeland zijn -sinds eind 19de eeuw al!- twee organisaties actief in de bescherming van het historisch erfgoed. National Trust is een vzw die hoofdzakelijk kuststroken en natuurgebieden maar ook kasteeldomeinen en tuinen voor het nageslacht bewaart. English Heritage is een overheidsdienst die vooral historic buildings en sites bezit en beheert. Beiden werken met honderden vrijwilligers die zich inzetten tijdens de openingsuren van hun properties. En het zijn stuk voor stuk gemotiveerde medewerkers want tijdens een historic visit hebben zij altijd een passend antwoord klaar op je vragen. Het kan voordelig zijn om je lid te maken van NT en/of EH indien je van plan bent veel erfgoed te bezoeken. Je krijgt dan vermindering op je ticket of je mag gratis binnen.

    Sustainable Transport Sustrans heeft met de financiële steun van National Lottery sinds 1995 over gans Groot-Brittannië een grootmazig netwerk van fietsroutes uitgetekend. De routes van het National Cycle Netwerk lopen bij voorkeur over verkeersarme wegen, oude spoorbermen en jaagpaden, zodat je als fietser steeds een gevoel van veiligheid en rust blijft behouden. Na 20 jaar werking bedraagt de totale lengte van het netwerk zo’n 20.000 km. Je hebt de keuze tussen bewegwijzerde langeafstandroutes zoals The Way of the Roses(274 km) maar je kunt die themaroutes naar believen combineren met andere routes via de talrijke knooppunten. Bij elke route hoort een kaart op schaal 1:100.000, te verkrijgen bij Sustrans zelf of te bestellen via de reisboekhandel. De routes zijn ook in detail te bekijken op de website.

    Steekkaart

    Route en bewegwijzering We maakten voor 90 % gebruik van 8 Sustransroutes en 2 regionale routes in combinatie met korte niet-bewegwijzerde trajecten. Van de 19 dagen waren we 16 dagen met de fiets onderweg en legden 830 km af. We logeerden twee nachten in een guesthouse (York), deden 7 campings aan en kampeerden 7x in het wild.

    Campings zijn eerder dungezaaid in de natuurparken maar aan andere logiesmogelijkheden is er geen gebrek. Er is dagelijks een overtocht Zeebrugge – Hull met P&O-ferries. De ferry vertrekt in Zeebrugge om 18.30u en komt aan in Hull om 9u ’s morgens. Hoe vroeger je boekt, hoe lager de prijs.